Een regenton aansluiten op de regenpijp
Een ochtend werk, en één maat die je goed moet hebben. Hier gaat het het vaakst mis.
De hoogte is het hele verhaal
Een vulautomaat werkt volgens het principe van communicerende vaten: hij laat water de ton in lopen en stopt vanzelf zodra de ton vol is, waarna de rest gewoon door de regenpijp naar beneden gaat. Daarvoor moet hij op dezelfde hoogte zitten als het maximale waterniveau in je ton, dus vlak onder de bovenrand. Zet je hem lager, dan loopt de ton nooit helemaal vol. Zet je hem hoger, dan loopt hij over. Meet dus eerst waar je de ton neerzet, inclusief de verhoging eronder, en pas dan waar je zaagt.
Diameter en zaagsnede
Ronde regenpijpen in Nederland zijn meestal 80 mm, soms 70 of 100. Vierkante pijpen komen ook voor. Meet de buitendiameter voordat je een vulautomaat bestelt, want een verloopstuk achteraf is lelijk en lekt sneller. Zaag met een fijne beugelzaag of een decoupeerzaag met metaalblad, ontbraam de rand en schuif het onderste pijpdeel omhoog om ruimte te maken. De meeste vulautomaten hebben een sponning waar het pijpdeel weer in valt.
De ondergrond draagt meer dan je denkt
Duizend liter weegt duizend kilo, en dat staat op vier kleine steunpunten. Tegels op los zand zakken scheef, en een scheve tank die vol staat kantelt makkelijker dan je verwacht. Leg stoeptegels op een laagje stabilisatiezand, waterpas ze, en controleer het na de eerste volle winter nog een keer. Zet de ton ook niet pal tegen de gevel: je wilt er met een emmer onder kunnen en bij de aansluiting kunnen komen.
